Wat is een chip in golf?

Een chip is een korte aanspelslag die je speelt wanneer je je vlakbij de green bevindt, maar er nog niet op staat. Het doel van de chip is om de bal laag van de grond te laten opstijgen, even in de lucht te laten vliegen en vervolgens op de green te laten landen, waarna de bal verder rolt richting de hole. De chip wordt ook wel de aanspelslag of chipslag genoemd in het Nederlands.

Het bijzondere aan een chip is de combinatie van een korte vlucht en een langere rolafstand. Stel je voor: de bal vliegt misschien een derde van de afstand naar de hole en rolt de overige twee derde. Dit maakt de chip fundamenteel anders dan een pitch, waarbij de bal juist hoger vliegt en minder rolt.

Waar komt de term vandaan?

Het woord chip komt uit het Engels en betekent letterlijk 'spaander' of 'schilfer'. De term verwijst naar de beweging waarbij je als het ware een klein stukje van iets afsnijdt. In de golftaal slaat dit op de compacte, snijdende beweging van het clubhoofd langs de onderkant van de bal. De slag werd al in de vroege geschiedenis van het golf in Schotland gebruikt en is sindsdien een vast onderdeel van het golfvocabulaire geworden. In Nederland en België heeft de term 'chip' zijn Engelse naam volledig behouden, net zoals veel andere golftermen.

Hoe voer je een chip uit?

Voor beginners is het belangrijk om de basistechniek goed onder de knie te krijgen. Hier zijn de stappen:

1. Kies de juiste club

Een chip wordt vaak gespeeld met een wedge (zoals een pitching wedge of sand wedge) of een ijzer met een hogere nummer, zoals een 7- of 8-ijzer. Beginners gebruiken vaak een 7-ijzer omdat dit meer controle geeft over de rolafstand.

2. Sta smal

Zet je voeten dicht bij elkaar. Je houding is smaller dan bij een normale swing. Plaats je gewicht iets meer op je voorste been (het been dat richting de hole staat).

3. Handen voor de bal

Zorg dat je handen iets voor de bal staan op het moment van impact. Dit zorgt voor een dalende beweging van de club, wat essentieel is voor een goede chip.

4. Korte, gecontroleerde beweging

De chipswing is een compacte schommelbeweging, vergelijkbaar met een putt maar dan met iets meer kracht. De polsen blijven grotendeels stil. Denk aan een slingerbeweging van je armen en schouders.

5. Ogen op de bal

Blijf met je ogen op de bal gericht en raak de bal eerst aan, vóór de grond. Dit heet ball-first contact en is het geheim achter een zuivere chip.

Praktijkvoorbeelden voor beginners

Voorbeeld 1: Bal net naast de green Je tweede slag op een par 4 is net naast de green terechtgekomen in het korte gras. Je staat op 5 meter van de rand van de green en de hole is nog eens 8 meter verder. Speel een chip met een pitching wedge: laat de bal landen net op de green en rol naar de hole.

Voorbeeld 2: Oefening op de chipping area De meeste golfbanen hebben een speciale oefenzone voor chips. Leg vijf ballen neer op 3, 5, 7, 10 en 15 meter van een oefenhole en probeer elke bal zo dicht mogelijk bij de hole te chippen. Let op hoe de rolafstand verschilt per afstand en club.

Voorbeeld 3: De 'bump-and-run' Een variatie op de chip is de bump-and-run. Hierbij gebruik je een lager ijzer (zoals een 6 of 7) om de bal laag te houden en veel te laten rollen. Dit werkt uitstekend op droge, harde greens of wanneer er weinig obstakels tussen jou en de hole zijn.

Tips voor beginners

  • Oefen veel op de chipping area voordat je de baan opgaat. Een goede chip kan je score met meerdere slagen verbeteren.
  • Wees consistent in je techniek. Probeer elke keer dezelfde beweging te maken.
  • Kies de makkelijkste route. Chippen over een bunker is lastiger dan erlangs. Denk altijd na over waar je de bal wilt laten landen.
  • Onderschat de chip niet. Profgolfers besteden enorm veel tijd aan hun short game, want juist de slagen rondom de green bepalen je uiteindelijke score.

Met een betrouwbare chip ben je als beginner al een grote stap dichter bij het verbeteren van je handicap!

Gerelateerde producten